Kabinet steunt btw-voorstel Europese Commissie

Vorig artikel Volgend artikel
16-01-2017

In een brief aan de Tweede Kamer heeft het kabinet zijn expliciete steun uitgesproken voor het Europese voorstel om het verlaagde btw-tarief mogelijk te maken voor digitale uitgeefproducten.

Na afloop van de Ministerraad is de Tweede Kamer per brief geïnformeerd over het Nederlandse standpunt ten aanzien van het btw-voorstel van de Europese Commissie. Nederland is voorstander van een gelijke behandeling van elektronische en fysieke publicaties. Bovendien is Nederland van mening dat lidstaten meer vrijheid moeten krijgen om op nationaal niveau btw-tarieven vast te kunnen stellen.

Het Commissievoorstel komt aan beide punten tegemoet. Het kabinet spreekt daarom zijn expliciete steun uit voor het Europese voorstel.

Financiële consequenties
Als het 6%-tarief in Nederland wordt toegepast op elektronische publicaties van boeken, dag- en weekbladen en tijdschriften, verwacht het kabinet een derving van de inkomsten voor de schatkist van 13 miljoen euro in 2018, oplopend naar 15 miljoen euro structureel. Dat werkt onder meer door in een daling van de consumentenprijzen, zo is de verwachting van het kabinet.

Geen Europese definities
Nederland dringt wel aan op verduidelijking van een aantal definities. In het voorstel schrapt de Europese Commissie een nadere specificatie van boeken, kranten en periodieken, om meer vrijheid te geven aan lidstaten. Dat leidt wat Nederland betreft echter tot een gebrek aan houvast om te bepalen welke producten wel of niet in aanmerking komen voor het verlaagde tarief.

Het Nederlands Uitgeversverbond heeft steeds bepleit dat het verankeren van gedetailleerde definities in Europese wetgeving geen toekomstbestendige oplossing kan zijn. Omdat uitgeefproducten en –diensten mee-evolueren met de digitale ontwikkelingen, sluiten de gedetailleerde definities van vandaag waarschijnlijk niet aan bij het aanbod van morgen.

Door, zoals de Europese Commissie van plan is, op Europees niveau alleen generieke begrippen vast te leggen, ontstaat juist ruimte voor lidstaten om invulling te geven aan wat onder publicaties wordt verstaan.

Inwerkingtreding
In de komende maanden is de behandeling in de Raad van Ministers cruciaal. Aanpassing van de Btw-richtlijn vereist unanimiteit. Het Europees Parlement, sterk voorstander van toepassing van het verlaagde tarief op digitale media, heeft geen beslissende rol in de besluitvorming: zij zal alleen worden geraadpleegd door de Raad.

Na afronding van de Europese besluitvormingsprocedure dient op nationaal niveau een besluit te worden genomen over het benutten van de mogelijkheid voor toepassing van het verlaagde tarief. Het kabinet schrijft dat, indien het kabinet een onomkeerbaar besluit neemt tot wijziging van het btw-tarief, de Belastingdienst drie maanden nodig heeft om de wijziging in te kunnen voeren.

sluiten